top of page

De Illusie van de Quick-Fix: Waarom de Obesitas-revolutie haar Patiënten Verliest


Terwijl de verkoop van afslankmedicatie recordhoogtes bereikt, kampt de medische sector met een onzichtbaar probleem: de 'lekkende emmer'. Voor klinieken en artsen is het geen medisch falen, maar een structurele uittocht die zowel de volksgezondheid als de bedrijfscontinuïteit bedreigt.

In de chique wachtkamers van gespecialiseerde klinieken lijkt de oplossing voor obesitas eindelijk binnen handbereik. De komst van GLP-1 receptoragonisten (zoals Ozempic en Wegovy) werd onthaald als een medisch wonder. Maar achter de succesverhalen schuilt een ongemakkelijke waarheid: het overgrote deel van de patiënten haalt de eindstreep niet.



Het Kritieke Kwartaal

Volgens data uit grootschalige leefstijlprogramma's haakt 20% tot 30% van de deelnemers al af in de eerste 2 tot 4 maanden [1, 2]. Dit is de "gevarenzone". Wie deze periode overleeft, heeft een aanzienlijk grotere kans op succes, maar de weg daarheen is geplaveid met obstakels die vaak worden onderschat door zowel arts als patiënt.


De Vijf Barrières van Retentie

Waarom stopt men? De data wijzen op vijf cruciale factoren:

  1. De Biologische Tol: Ongeveer 30% van de gebruikers kampt met gastro-intestinale klachten zoals misselijkheid en braken [1, 3]. Zonder nauwkeurige begeleiding bij het opbouwen van de dosering (titratie), kiest de patiënt voor comfort boven gewichtsverlies.

  2. De Financiële Muur: Met kosten die kunnen oplopen tot boven de €1.000 per maand en beperkte verzekeringsdekking, is de economische druk vaak de genadeslag voor de therapietrouw [3, 5].

  3. De Psychologische Paradox: Patiënten die in de eerste maand weinig resultaat zien, voelen zich een "medische mislukking" en stoppen uit frustratie. Omgekeerd stoppen anderen juist omdat ze hun doel hebben bereikt, niet beseffend dat obesitas een chronische ziekte is die levenslange zorg vereist [4].

  4. Het Expertise-Gat: Onderzoek laat zien dat patiënten die worden behandeld door niet-specialisten vaker stoppen [5]. De specialist biedt namelijk niet alleen een recept, maar ook het noodzakelijke verwachtingsmanagement.

  5. Sociale Isolatie: Patiënten die alleen wonen of kampen met depressieve gevoelens hebben een significant hoger risico op vroege uitval [1, 7].


De Business-case voor Retentie

Voor u als arts of kliniekhouder is een stoppende patiënt een dubbel verlies. Ten eerste is er het medische aspect: bij het abrupt staken van GLP-1 medicatie zien we een gewichtstoename van gemiddeld 0,4 kg per maand [4]. De patiënt keert terug naar af, vaak met een beschadigd zelfbeeld.

Ten tweede is er het zakelijke aspect. De kosten voor het werven van een nieuwe patiënt (marketing, intake) zijn hoog. Een patiënt die na drie maanden vertrekt, levert een negatieve return-on-investment op en zal uw praktijk minder snel aanbevelen.


Strategie voor de Toekomst

De oplossing? Focus op de eerste 4 tot 6 weken. Dit is het fundament. Door in deze fase zwaar te investeren in feedback, ondersteuning bij bijwerkingen en het vieren van "kleine overwinningen", kan de uittocht worden gestopt.

Obesitaszorg is geen sprint, maar een marathon waarbij de coach (de arts) even belangrijk is als de schoenen (de medicatie).



Bronvermelding:

  • [1] PMC (NIH): Psychosociale factoren bij vroege uitval (PMC8292291).

  • [2] Frontiers in Nutrition: Therapietrouw in de eerste maand als succesfactor (10.3389/fnut.2022.851802).

  • [3] Drug Today / Health.com: Analyse van GLP-1 uitvalpercentages door bijwerkingen.

  • [4] Obesity Science & Practice: Onderzoek naar gewichtstoename na stopzetting (10.1002/osp4.304).

  • [5] Blue Cross Blue Shield (BHI): Trends in de continuïteit van medicamenteuze obesitasbehandeling.

  • [7] Erasmus University (Repub): Literatuuroverzicht van uitvalmomenten in leefstijlinterventies.


 
 
 

Opmerkingen


bottom of page